|
Onderwijs,
Visie:
Onderwijs is een recht van elk kind, elke jongere en ook van
volwassenen. Een recht dat hen nieuwe kansen geeft op een beter
leven. Dit is nog eens onderstreept door de Verenigde Naties die
volledig basisonderwijs voor alle kinderen op de wereld tot één van
de millenniumdoelen heeft gemaakt.
Jongeren die een goede opleiding volgden, maken immers meer kans op
de arbeidsmarkt. Zij kunnen ook daadwerkelijk helpen de moeilijke
situatie van hun land en hun eigen individuele armoede ten goede te
keren. Steun aan onderwijs is geen water naar de zee dragen. Een
goede opleiding in het zuiden garanderen, is een investering in de
toekomst.
De politieke en economische factoren die nodig zijn om landen in
volle ontwikkeling op beide benen te krijgen hebben wij dan wel niet
in de hand, maar de individuele problemen van de bevolking kunnen
ons niet onberoerd laten. Via onderwijs en opleidingen helpen we
trouwens rechtstreeks aan de opbouw van ontwikkelingslanden. Een
kleine bijdrage met grote gevolgen.
Caraes Nederland ondersteunt in Indonesië:
• Purwokerto: kleuter, lagere en middelbare school
• Purworejo: kleuter, lagere en middelbare school
• Purworejo: school voor kinderen met een verstandelijke beperking ,
Karya Bakti School for the M.H.
• Wonosobo: school voor dove kinderen, Don Bosco Institute of the
Deaf
• Yogyakarta-Nandan: kleuter, lagere and 1e graad secundaire school
Doveninstituut Wonosobo
Het doveninstituut don Bosco in Wonosobo is in 1955 gesticht en
heeft in december 2005 het 50-jarig jubileum gevierd. Hier worden
dove jongens in de leeftijd van 5 – 18 jaar opgevangen en geleerd om
te communiceren. Daarnaast ontvangen zij regulier basis, voortgezet
en beroepsonderwijs. Veel van de oud-leerlingen hebben werk gevonden
en functioneren goed in de samenleving. Enkelen hebben zelfs een
universitaire opleiding kunnen afronden.
In Wonosobo is er ook een doveninstituut voor meisjes. Hiermee wordt
samen gewerkt. De 150 jongens op Don Bosco zijn afkomstig uit 18
verschillende provincies. Het merendeel is doof, een klein
percentage is slechthorend. Bijna 80% is afkomstig uit arme gezinnen
die niet of maar weinig kunnen bijdragen aan de kosten van verblijf
en onderwijs.
De meeste gebouwen zijn uit de jaren 50 en 60. Er is dringend
behoefte aan geld om het nodige groot onderhoud uit te voeren. Ook
de hulpmiddelen die bij het dovenonderwijs gebruikt worden zijn voor
een belangrijk deel aan vervanging en vernieuwing toe.
|